De maatschappelijke BV: liever vandaag dan morgen!

De B.V. in de zorg heeft een negatief imago, het wordt al snel geassocieerd met geld verdienen, grote winsten en zorgcowboys.

Natuurlijk ze zijn er, maar het gros van de B.V. eigenaren hebben niet voor de winst gekozen maar kiezen om een heel andere reden voor de B.V.

Het begint vaak met een startende ondernemer die met hart en ziel zorg verleent, alleen of met één of meer partners. De rechtsvorm is dan de eenmanszaak, maatschap of vof. Het is fiscaal gunstig en de boekhouder geeft het advies vooral om die reden hiermee door te blijven gaan. Tegelijkertijd weet de zorgaanbieder, ja fiscaal gunstig dat klopt misschien, maar ik kan ook persoonlijk worden aangesproken met mijn eigen geld, het aansprakelijkheidsrisico. Bijvoorbeeld als abusievelijk teveel is uitgekeerd door zorgverzekeraar of gemeente, er moet wel terugbetaald worden terwijl het geld allang is uitgegeven aan salarissen van de medewerkers. Vaak is dit aansprakelijkheidsrisico de belangrijkste reden om over te gaan naar een rechtspersoon.

BV of stichting?

En dan komen eigenlijk alleen de stichting en de B.V. in beeld. In eerste instantie kiest men al gauw voor de stichting. Gevraagd naar de reden: "het gaat ons niet om het geld, maar om de zorg. Dus een stichting past hier beter bij." Op zich is dat juist. Een stichting heeft een ideëel doel, een maatschappelijk goed doel. Het keert geen geld uit aan oprichters of aandeelhouders. Een B.V. heeft dit niet en mag winst uitkeren aan de eigenaren.

Toch kiest nagenoeg iedereen voor een B.V. en de reden is eigenlijk heel simpel.
De zorgaanbieder heeft zijn zorgorganisatie met hart en ziel opgebouwd, vindt zijn of haar visie helemaal terug in hoe de zorg georganiseerd is en dat moet zo blijven.
In de stichting kan de Raad van Commissarissen de bestuurder(s) ontslaan, waardoor het zorginitiatief uit hun handen wordt genomen. De oprichters, degenen die de zorgorganisatie groot hebben gemaakt en hun visie met succes hebben neergezet staan met lege handen.

Daarom kiezen de oprichters veel liever voor een B.V. Daar zijn en blijven zij als eigenaar de zeggenschap houden over hun eigen zorgorganisatie, niet overgeleverd aan eigenbelang of willekeur van derden. Natuurlijk is het goed en wil men ook verantwoording afleggen, maar het idee dat hun zorginitiatief zomaar uit handen kan worden genomen, maakt dat gekozen wordt voor de B.V. en als het even kan de maatschappelijke B.V.

Een nieuwe vorm waarin eisen worden gesteld aan de statuten, deze lijkt er te komen, maar veel heel veel zorgondernemers... liever vandaag dan morgen!

 

 

Comments are closed.